Meditatie Kerkblad

 

 

 

Op deze pagina kunt u uit ons kerkblad de meest recente meditatie lezen.


De HEERE is mijn Deel

‘De HEERE is mijn Deel, zegt mijn ziel, daarom zal ik op Hem hopen.’ (Klaagliederen 3 : 24)

Gods kinderen beseffen lang niet genoeg hoe oneindig rijk ze zijn. Ze lijken op een erfgenaam die een zeer groot stuk land heeft gekregen, maar die geen weet heeft van de rijke en uitgebreide schatten die onder de oppervlakte ervan liggen.
God heeft ons Zijn Woord gegeven dat als een veld van onmetelijke rijkdom is. Wanneer de apostel een overzicht geeft van alles wat wij bezitten, dan kan hij terecht uitroepen: Alles is uwe!
De Bijbelteksten waarin God in Christus als het Deel van de gelovige mag worden beschouwd, zijn vele en nodigend. Daarop mag de zwakste ziel, de ziel die in het donker verkeert, maar wel in Christus gelooft en Christus liefheeft, met een persoonlijke aanspraak komen, en zeggen: Alles is van mij, want ik ben van Christus, en Christus is van God.

Het is ons grote voorrecht, dat we leven in een wereld waarin wij geen deel hebben. Dit is voor ons als christenen zowel ons onderscheidende kenmerk als ons voorrecht.
Toen God het land Kanaän onder de stammen van Israël verdeelde, maakte Hij een uitzondering voor de stam van Levi. Hij sprak tot hen: ‘Gij zult in hun land niet erven en gij zult geen deel in het midden van henlieden hebben.’ God gaf daarbij als reden aan: ‘Ik ben uw Deel en uw Erfenis.’
Het onderwijs vanuit het Evangelie is duidelijk en veelzeggend. Voor ons als de ware priesterstand is deze wereld niet ons deel, noch ook is de aarde onze rust. Misschien heeft het van de kant van de oprechte Leviet wat pijnlijke discipline gevraagd en geen geringe mate van geloof, wanneer hij stond te turen naar de vruchtbare akkers, de bevloeide vlakten en de met wijngaarden bedekte heuvels van het Beloofde Land, voordat hij gewillig was om van dit alles afstand te doen voor Hem Die onzichtbaar is.

Er is onderwijs en tucht van onze God voor nodig, en geloof van onze kant, voordat we ertoe gebracht worden om voor Christus de wereld, het geschapene, het ‘ik’ en alles te laten varen, om er tevreden mee te zijn de Heere alleen als ons Deel te hebben, en de hemel alleen als ons erfdeel.
Gods liefde tot ons was zo groot, dat toen Hij geen groter bewijs van die liefde kon geven, Hij Zichzelf gegeven heeft. Niets had meer tot uitdrukking kunnen brengen wat Zijn hart begeerde, en niets minder had onze verlangens kunnen bevredigen.

Alles wat God is en alles wat Hij heeft, is van ons. Elke klop van Zijn hart is voor ons, elke blik van Zijn oog is als een glimlach over ons. Wij wonen in God, en God woont in ons. Niet de wereld is ons deel, maar Hij Die de wereld schiep, bevestigt en regeert. Niet het geschapene is ons deel, maar de Heere der engelen en de Schepper van de mensen. Oneindig Deel! Onbeperkte macht, onmetelijke genade, grenzeloze liefde. Alles, alles is van ons!

En wat een Deel is Christus! Een goddelijke Christus, een verlossende Christus, een volkomen Christus, een medelijdende, altijd aanwezige, altijd dierbare, altijd liefhebbende Christus. Heere, U hebt een aards deel van mij weggenomen om mij met een hemels Deel rijk te maken.
U die in Jezus gelooft, benut dan uw Deel. Het is genoeg voor alles wat u nodig hebt. God heeft u in deze wereld misschien arm gemaakt, opdat u rijk zou zijn in het geloof, en een erfgenaam van het Koninkrijk der heerlijkheid, het Nieuwe Jeruzalem dat Hij voor u heeft bereid. De funderingen ervan zijn kostelijke stenen, de muren ervan zijn jaspis, de poorten ervan zijn paarlen, de straten ervan zijn louter goud, en door die stad stroomt zacht de rivier van het water des levens, klaar als kristal, voortkomend uit de troon van God en van het Lam. In het midden van haar straat, aan beide zijden van de rivier is de Boom des levens, die twaalf soorten vruchten draagt, en elke maand zijn vruchten voortbrengt. Dit alles wacht op u! Hoop op de Heere, hoop in tegenheden, hoop in beproeving, hoop op hoop tegen hoop, want God in Christus is nu en voor eeuwig uw Deel.

‘De HEERE is mijn Deel, zegt mijn ziel, daarom zal ik op Hem hopen.’

Octavius Winslow (1808-1878)

 

 

Uit ons kerkblad van januari / februari 2019