Meditatie Kerkblad

 

 

 

Op deze pagina kunt u uit ons kerkblad de meest recente meditatie lezen.


ZIEN EN HOREN

‘ …dat gij nu ziet en hoort.’ (Hand. 2 vers 33c)

Er was iets te zien en er was iets te horen op die Eerste Pinksterdag in Jeruzalem. Te zien waren er de verdeelde tongen als van vuur. Te horen was er het geluid als van een geweldig gedreven wind. Te horen was ook dat eenvoudige ongeletterde Galilese vissers in vreemde talen de grote werken Gods verkondigden.
Dat heeft op die feesthoudende menigte in Jeruzalem een diepe indruk gemaakt. De feestgangers zijn samengestroomd en hebben zich verwonderd afgevraagd wat dat toch allemaal te betekenen had.
En toen heeft Petrus het woord genomen. Toen heeft Petrus gezegd: Kijk, dat is nu de vervulling van een oude profetie. Wat hier gebeurt, dat is al lang geleden voorzegd door de profeet Joël. En toen heeft Petrus aan al die mensen, verwonderde mensen, spottende mensen, verslagen mensen, het Woord verkondigd. Hem aangeprezen Die God verhoogd heeft tot een Vorst en Zaligmaker. Hem Die ten hemel gevaren is om gaven uit te delen onder de mensen.
‘Hij dan, door de rechterhand Gods verhoogd zijnde, en de belofte van de Heilige Geest ontvangen hebbende van de Vader, heeft dit uitgestort, wat gij nu ziet en hoort.’
Ja, er was iets te zien en er was iets te horen in Jeruzalem. Die tekenen van vuur en wind waren echter een voorbijgaande zaak. Maar als de Heilige Geest werkt, als de Heilige Geest beslag legt op het leven van een mens, dan is er ook nu nog veel te zien en veel te horen.
Dat behoeft er niet altijd zo geruchtmakend aan toe te gaan. De Heilige Geest doet een verborgen werk. ‘Niet door kracht, noch door geweld, maar door Mijn Geest zal het geschieden.’ Soms voltrekt zich dat in stilte, onmerkbaar, geruisloos. Maar naar buiten komt het, dat kan niet missen. ‘Dit volk heb Ik Mij geformeerd, zij zullen Mijn lof vertellen.’
En wat is er dan te zien, wat is er dan te horen? Dan is te zien dat de wederbarende Geest de hele mens vernieuwt. Dat alles anders wordt in zijn leven. Dat er vruchten rijpen van de Heilige Geest: liefde, blijdschap, vrede, geloof. Dat er een wandel komt tot eer van de Heere.
En dan is te horen dat de Heilige Geest de tong losmaakt, dat Hij doet spreken tot eer van God en van Christus. Dat Hij hart en mond vervult met Zijn vreugde. Dat er iets openbaar komt in ons leven van de zalving van Christus, om als profeet Zijn Naam te belijden.
Een vraag dringt zich aan ons op: Is er ook in ons leven iets te zien en iets te horen? Ja, er is uiteraard van alles te zien en te horen in ons leven. We maken drukte genoeg. Maar is er iets te zien en te horen van het werk van de Heilige Geest? Is het zo: Allen die hen zien, zullen hen kennen, dat zij zijn een zaad dat de Heere gezegend heeft? En is het zo: Dan zingen zij in God verblijd aan Hem gewijd van 's Heeren wegen?
Nog een andere vraag: Gebruiken wij onze ogen en onze oren? Dat zijn toch de twee invalspoorten van de Heilige Geest. De twee wegen naar ons hart.
Stelt u zich eens voor dat we blind en doof waren. Dan konden we het Woord niet lezen en niet horen. Dan konden de grote werken Gods niet doordringen tot ons hart. Laten we God danken dat we ogen hebben om te zien, oren hebben om te horen. En laten we onze ogen en onze oren gebruiken. Want de duivel kent ook de toegangswegen naar ons hart. En de duivel maakt een heleboel lawaai om onze aandacht af te leiden. De duivel doet zijn uiterste best om ons door een schone schijn te verblinden.
Er is zoveel te zien en te horen rondom ons, dat horen en zien bijna vergaan. Er is zoveel te zien en te horen in ons, dat je ervan weg zou lopen. Uit het hart van de mens, die vuile bron van alle wanbedrijven, komen voort boze bedenkingen...
We zouden bijna geen gelegenheid meer overhouden om Gods grote werken te zien, om Gods rijke Woord te horen. En er is toch zoveel te zien en te horen.
Te zien: Uw ogen zullen de Koning zien in Zijn schoonheid, zij zullen een vergelegen land zien. Te horen ook: Ik zal horen wat God de Heere spreken zal. En dat is meer waard dan alles wat op deze wereld te zien en te horen is. Wat men hoort of ziet op aard is ons kost'lijk hart niet waard.
Dat zien en horen begint nu. Zalig zijn uw ogen, omdat ze zien hetgeen gij ziet en uw oren omdat ze horen hetgeen gij hoort. Zo wordt ons oog, zo wordt ons oor geoefend. Soms zien we een hemels vergezicht. Soms horen we hemelse muziek. Maar het oog blijft altijd nog bewolkt, het oor hoort altijd nog bijgeluiden.
Eenmaal gaat het geloof over in aanschouwen. Dan zien we de schare die niemand tellen kan. Dan zien we het Lam Dat in het midden van de troon is. Zalig zijn de reinen van hart, want zij zullen God zien.
Dan horen we het gezang dat niemand kan leren dan de 144 duizend die van de aarde gekocht zijn. En het grootste wonder zal zijn dat we onze eigen stem horen meeklinken in dat koor.
‘Want geen oog heeft het gezien en geen oor heeft het gehoord en het is in geen mensenhart opgeklommen wat God bereid heeft voor degenen die Hem liefhebben.’

ds. W. van Gorsel
(Uit: Een God van eeuwig heil)

 

Uit ons kerkblad van mei / juni 2018